Lieve Anousha

Ik had onlangs het genoegen je te ontmoeten. We spraken over “de kwestie” en je boek. Ik wilde het kopen op schiphol en je waarschuwde mij al. Waarschijnlijk hebben ze het niet want de ketens verkopen het niet. Ondanks de vele positieve en negatieve recencies. Dus zocht ik op Schiphol en zag boeken van verschillende opinie makers, maar die van jou lag er inderdaad niet tussen. Een teken aan de wand. Dus bestelde ik het via bol en heb het direct gelezen. Veel bevestiging van wat ik al wist maar ook veel eyeopeners. Waarvoor dank. Maar ik wil hier niet je boek bespreken.

In ons gesprek spraken we over hoe “zwart” Nederland (ik weet niet of dit een politiek correcte duiding is) zorgvuldig door de media wordt geselecteerd. De welgevalligen en de controversiëlen. De hard core anti zwarte piet activisten krijgen steeds minder ruimte. Sterker nog, ze worden geridiculiseerd. Ik zei dat in DWDD Prem straks overblijft als “excuus-neger”. Je werd erg chagrijnig van dat woord en vermelde terloops dat Prem Hindoestaan is. Ik snap het eerste en weet het tweede. Ik gebruikte het woord zoals ook feministen het woord excuus-truus gebruiken. Of zoals “Kut-Marrokkaan” wordt gebruikt. Ik kon op dat moment zijn rol niet beter duiden. De donkere hofnar van DWDD zou wellicht beter zijn geweest.

Ik schrijf dit terwijl ik in Jakarta ben. Ik heb hier veel gesproken met Indonesiers over ons verleden. Ik heb ook een tentoonstelling gezien die mij veel meer vertelde als wat ik ooit op school heb geleerd en later bijgelezen. Wij hebben een zeer donker verleden wat we maar moeilijk willen erkennen. Of laat ik dubiueus verleden zeggen omdat donker ook een andere connotatie heeft. Overigens zijn de huidskleuren hier van licht getint Aziatisch tot donkerbruin. De laatste zijn Papua’s die je gemakkelijk voor Afrikaans zou kunnen houden. Zoals Prem die ook vrij donker is vaak met het N woord wordt geduid. En hij pretendeerd vaak de stem van “zwart” Nederland te zijn.

De discussie in Nederland gaat tussen witte mensen en de rest. Veel van die witte mensen duiden “de rest” met verschillende voorvoegsels met het N-woord. Ik heb er zelfs mijn kinderen -die in een uitsluitend witte omgeving zijn opgegroeid- wel eens op betrapt. Mijn oude moeder spreekt doorgaans over “zwarten”. Mijn vader had iets meer nuance, hij onderscheidde mensen van Indonesische afkomst met “blauwen”. Overigens beide lieve witte mensen waar ik van houd. Ik hoorde onlangs bij de NOS uitzending van de veteranendag een “deskundig” commentator nog uitleggen wat “de blauwe hap” was. Even denigrerend naar mijn smaak.

Ik heb na ons gesprek veel nagedacht en na enkele uitingen van mijn moeder nog meer. Ik ben van 1959. Zoveel kennis als mijn leeftijdsgenoten in Suriname en de Antillen over Nederland kregen, zo weinig kregen wij over ons koloniale verleden. Wij moesten het doen met een leesboekje met de titel “Dagoe de kleine bosneger” en Kuifje in Afrika. Iets later bleek Pipi Langkous’ vader de koning van Tuka-tuka land was. (Goed te vermelden dat Astrid Lindgren hier later verstandige dingen over heeft gezegd).

Er waren behalve de huisarts, geen donkere mensen in mijn dorp. Deze huisarts was van een moeilijk te duiden Guyaanse afkomst en heel licht van kleur. Er was er in die tijd een bovenmatig aanzien van dat beroep. Dus hij werd zelden als “buitenstaander” gezien. Op de basissschool waren vrij donkere kinderen uit het “Ambonezenkamp”. Die woonden inderdaad op een door de Duitsers achtergelaten kamp, waar de Nederlandse regering dankbaar gebruik van maakte. (Veel witte mensen weten niet dat ook het duistere kamp Westerbork voor dat doel werd gebruikt) werd. De “Ambonezen” of Molukkers werden officieel repatrianten genoemd. Wij leerden er bij weg te blijven want van dat kamp kwam weinig goeds in de ogen van onze ouders. Op latere leeftijd doch steeds nog jong, hoorden en zagen we de Molukse gijzelingen en kapingen. Even daarvoor was in mijn dorp een mislukte bomaanslag van de Palestijse “zwarte september”. Alhoewel we naar mijn herrinering destijds niet zo hysterisch waren, droeg dit bepaald niet bij aan het begrip voor “anderen”. En zelfs in deze tijd schotelt de NPO ons behalve Zwarte Piet nog beschamende interviews voor zoals deze met Chimamanda Adichie. https://www.npo.nl/buitenhof/16-10-2016/VPWON_1250247/POMS_AVRO_5570248

Alhoewel ik een redelijk open mens ben en veel gereisd heb, heeft het mij heel veel jaren gekost om al die aangeleerde vooroordelen en benamingen in een context te zien. Een context van superioriteit en stereotypen. Het probleem van Zwarte Piet ben ik pas een jaar of zes geleden gaan zien toen een hagelwitte Zweedse er mij op wees. Voor die tijd vond ik het een weliswaar domme maar onschuldige traditie.

Het zaad van onbegrip is voor mijn generatie diep in onze zielen gezaaid. De onderwijzers van mijn kinderen zijn mijn generatiegenoten. Tot dat we wat we in mijn kindertijd “vaderlandse geschiedenis” noemden, echte geschiedenis lessen maken in de zin van “de geschiedenis leert ons”, is er een lange weg te gaan. Ik doe mijn best in mijn eigen omgeving en dat levert wel eens vervelende discussies op. Dus laat ik het vaak bij zitten terwijl “donder op naar je eigen land” en erger mij bespaard zal blijven. Daarom bewonder ik je des te meer als een van de wegbereiders van die lange weg. En oh ja: sorry voor dat woord en… witte mensen: wees onbevangen en lees dat boek!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *